Voor de ontwikkeling van de Derde Wereld. Politici en ambtenaren over de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking 1949-1989
De ontwikkelingssamenwerking heeft in de eerste veertig jaar van haar bestaan een stormachtige groei doorgemaakt. Toen de Nederlandse regering op 3 oktober 1949 besloot steun te verlenen aan de hulpprogramma's van de Verenigde Naties, werd hierdoor 1,5 miljoen gulden beschikbaar gesteld. Inmiddels is het hulpbudget uitgegroeid tot bijna 5 miljard euro.
In de bundel Voor de ontwikkeling van de Derde Wereld vertellen zestien oud-ambtenaren en oud-ministers, onder wie Berend-Jan Udink, Jan Pronk en Eegje Schoo, over hun ervaringen met ontwikkelingssamenwerking. Deze vorm van samenwerking begon in de nadagen van de dekolonisatie van Indonesiƫ en was aanvankelijk een nieuwe manier om Nederlandse tropendeskundigen te kunnen inzetten in Derde Wereldlanden. In de interviews komen de motieven voor hulpverlening uitvoerig aan de orde. Lagen aan het verlenen van hulp louter idealistische motieven ten grondslag of was ook het economisch eigenbelang van Nederland in het geding? Ook komt de betrokkenheid van particuliere organisaties aan bod.
In opdracht van het ministerie van Buitenlandse Zaken stelde het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis een serie boeken samen over de geschiedenis van de ontwikkelingssamenwerking tot 1989. Naast de officiƫle documenten die in deze serie zijn gepubliceerd, biedt deze bundel een aantal onthullende gesprekken en een verrassende kijk op dit veelbesproken onderwerp.
Voor de ontwikkeling van de derde wereld. Politici en ambtenaren over de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking, 1949-1989, Redactie: L.J. van Damme, M.G.M. Smits. Horizonreeks. Uitgeverij Boom. Den Haag, 2009. ISBN: 9789085067641



