Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#erfgoed
#scheepvaart
#onderwijs
#archieven
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#recht
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
#natuur en milieu
Gepubliceerd op 01-10-2015
Door Marieke Oprel
Marieke Oprel

Bye Bye Bystander?

Een ware sterrencast, soms bijtende dialogen, een filmavond in Pathé Tuschinski en het sprookjesachtige decor van de (op zaterdag althans) zonovergoten Amsterdamse grachtengordel. Het zou de openingszin van een recensie over de wereldpremière van een of andere Hollywoodfilm kunnen zijn, maar het was de setting voor de internationale conferentie “Probing the Limits of Categorization: the ‘Bystander’ in Holocaust History, die vandaag precies een week geleden begon in Amsterdam. Drie dagen lang reflecteerden een scala aan internationaal gerenommeerde historici op het gebied van Holocaust and Genocide Studies over ‘the bystander’, de meest brede en vage categorie van de door Raul Hilberg voorgestelde driedeling “Perpetrators, Victims, Bystanders.”

Doel van de conferentie, georganiseerd door het Duitsland Instituut Amsterdam in samenwerking met onder andere het NIOD, het IfZ Center for Holocaust Studies in München, het Jena Center for 20th Century History en de Deutsch-Polnische Wissenschaftsstiftung in Frankfurt/Oder, was het analyseren van het gebruik van de categorie en term ‘bystander’, oftewel:  “to thoroughly review and to think beyond the existing scholarly approaches to the stereotypical ‘bystander’ in Holocaust history”. Felle discussies binnen nationale kaders (denk aan de discussie rondom ‘wij wisten niets van hun lot’ en ‘grijs verleden’ in Nederland) hadden de organisatoren er toe aangezet een internationale conferentie te organiseren en de moeilijkste categorie van de driedeling eens nader te analyseren. Want, wie behoren nu eigenlijk precies tot de groep ‘bystanders’? De ‘gewone’ man of vrouw? Omstanders, tijdgenoten, ooggetuigen? Wat onderscheidt ‘bystanders’ van daders en/of slachtoffers? Wie bepaalt de scheidslijnen tussen deze categorieën? En, is het anno 2015, nu de categorie ‘bystanders’ een vergaarbak geworden lijkt, een ‘bulk category’, tijd voor een nieuwe categorisering of terminologie?

Illustratief voor de complexiteit van het begrip ‘bystander’ is de vertaling van de term in diverse moderne talen. Dit was een probleem waar Hilberg zelf al mee worstelde bij de vertaling van zijn boek in de jaren ’90, aldus Hilberg’s (meest recente) biograaf Rene Schlott, die het spits af mocht bijten na de algemene welkomst- en introductiewoorden van Krijn Thijs, Christina Morina en Frank Bajohr. ‘Zuschauer’ of ‘Mitläufer’ (zoals ‘bystander’ in het Duits doorgaans vertaald wordt) heeft immers niet dezelfde connotatie als ‘omstander’ in het Nederlands of bijvoorbeeld ‘Spettatori’ in het Italiaans. En wat te denken van ‘witness’? Doorgaans zijn de handelingen van een ‘getuige’ van heel andere aard dan die van een ‘omstander’ of ‘toeschouwer’. Wat zegt het verschil in term over de manier waarop ‘bystander’ gedefinieerd wordt, of over ons perspectief op de rol van de ‘bystander’? En wat zijn onze criteria bij het categoriseren van ‘bystanders’?

Vanzelfsprekend was een terugkerend aandachtspunt de mate van ‘participatie’ en/of ‘betrokkenheid’. Wanneer definiëren wij mensen als actief, of passief? Wanneer zijn handelingen intentioneel, een keuze? En wanneer is iemand, wanneer aanwezig, toch passief? Het mag gezegd worden dat historici doorgaans ‘bystanders’ eerder definiëren als ‘co-perpetrators’ dan als ‘co-victims’. Want, zoals Christina Morina in haar introductie al direct stelde: ‘doing nothing is never doing nothing’. Of, zoals Mary Fulbrook het formuleerde: “the bystander is a very instable concept, and morally loaded as a person can only be ‘bystanding’ for a few seconds – after that: you have a choice to intervene or not”.

Dat ieder individu, afhankelijk van de omstandigheden waarin hij of zij verkeerd, keuzes maakt, en derhalve nooit geheel passief is, kwam eerder die dag ook naar voren in de discussie tussen (Research)Masterstudenten en Promovendi in de Masterclass die voorafging aan de conferentie. Toekijken, of een andere kant op kijken, is net zozeer een keuze als een wapen gebruiken om iemand neer te schieten, zo werd geconstateerd. Maar, het wegkijken bij het uitsluiten van Joden in een dorpsgemeenschap is niet te vergelijken met het uitoefenen van een beroep in een concentratiekamp. Immers, tolereren is anders dan faciliteren.

Als ‘the act of killing’ het doorslaggevende criterium is om onderscheid te maken tussen ‘perpetrators’ en ‘bystanders’, is dan ‘de rest’ allemaal een ‘bystander’? Of is er onderscheid te maken tussen hen die een oogje toeknepen, hen die profiteerden van (door het afvoeren van Joden) vrijgekomen banen en goederen, en hen die werkzaam waren in/rondom een concentratiekamp? En zo ja, moeten we dan nieuwe categorieën bedenken om deze bystanders in onder te verdelen?

Verschillende sprekers deden een poging op deze vragen een antwoord te formuleren, of in ieder geval aanzet tot discussie te geven. Ethische vraagstukken rondom ‘goed’ en ‘fout’ gedrag, en ‘onschuld’ en ‘schuld’ kwamen hierbij keer op keer terug. Ido de Haan hamerde erop, door in zijn lezing de historiografische ontwikkelingen rondom ‘bystanders’ in Nederland te schetsen, dat we de ethische ambiguïteit rondom bystanders niet uit het oog moeten verliezen. Mary Fulbrook (Londen) stelde in haar keynote lecture “Bystanders: catch-all concept, alluring alibi or crucial clue?” dat ‘bystanders’ op een bepaalde manier buiten een bepaalde conflict situatie staan: ze zijn niet direct betrokken, de context of locatie bepaalt hun rol (niet hun eigen handelen) en ze zijn noch protagonist noch object. In zekere zin zijn ze een ‘getuige’, omdat ze aanwezig zijn, maar ook neutraal, omdat ze niet actief participeren. Ze kunnen zich daardoor positioneren als niet-daders, als ‘onschuldigen’ met een schoon geweten. Fulbrook onderscheidde ter illustratie van haar betoog drie strategieën:

‘Wir haben es nicht gewusst’
Onderscheid maken tussen de conflict situatie, en jouw eigen rol in dit proces
Het verschil tussen ideologie en eigen overtuiging (het bekijken vs. het verantwoording dragen)

Timothy Williams (Marburg) was een stap verder gegaan en presenteerde (vanuit een sociologisch perspectief) maar liefst 14 nieuwe (sub)categorieën om de discussie te bevorderen, steeds in duo’s van twee op een schaal van “genocide occurs at all” naar “no impact” tot “no genocide”. Dat zag er als volgt uit:

  • agitator  – commandor 
  • enforcer – accomplice
  • encourager – facilitator
  • witness – outsider
  • discourager – inhibitor                 
  • hero – supporter
  • renegade commander – subversive leader

Of een dergelijke onderverdeling werkelijk gaat helpen is maar de vraag, maar het laat wel zien hoe in verschillende disciplines (naast historisch onderzoek werd ook sociologisch en politiek filosofisch onderzoek gepresenteerd) wordt gezocht naar nieuwe categorieen om de rol van actoren beter te kunnen duiden en definieren. Belangrijk hierbij waren/zijn de invloed van (a)symmetrische machtsrelaties, het systeem (Fulbrook) of de “Kräftefelder” (Judt) en het contrast tussen “Volksgemeinschaft” en “Occupied territories” zoals Tatjana Tönsmeyer (Wuppertal/Essen) in bracht in de plenaire afsluiting. Om de ‘bystanders’ beter te kunnen begrijpen, en op hen als categorie te kunnen reflecteren, moeten we als historici inzicht hebben in (het veranderende) systeem, niet alleen het Nazi-regime in West-Europa maar zeker ook de complexe situatie in Oost-Europese landen, zo bleek eerder al uit de diverse lezingen over ‘bystanders’ in Bulgarije, Oekraine en Polen.

Het is onmogelijk om een conferentie van drie dagen samen te vatten in één blog. Zo werd er ook nog gereflecteerd op bystanders in (media)cultuur, en was er bijvoorbeeld de filmavond in Tuschinski, onder leiding van Nicole Colin (Aix-en-Provence) en Wulf Kansteiner (Arhus). Ongetwijfeld zullen er verschillende verslagen op internet komen, waaronder deze, die ik op het moment van schrijven online zie komen: http://duitslandinstituut.nl/artikel/13234/historici-worstelen-met-de-bystander-in-holocaust

Laat ik afsluiten met de vraag/opmerking die aan het begin van de conferentie naar voren kwam: kunnen we nu afscheid nemen van de categorie bystander? Om aan de titel van mijn blog te referen: Bye Bye Bystander? Nee, nog niet, zoveel werd duidelijk. Hoewel historisch en analytisch een gecompliceerd en bekritiseerd, kunnen we nog niet zonder dit concept. Want, zoals Krijn Thijs mooi formuleerde in de laatste panelsessie: het is de uitdaging om als historicus zowel microgeschiedenis te schrijven als ook structuur en coherentie aan te brengen in de geschiedenis, en een breder perspectief te bieden op geschiedenissen en ervaringen. Categorieen en generalisaties zijn dan ook nodig om ons toe te verhouden. En met het oog op de politieke, sociale, juridische en culturele categorieen die vandaag de dag nog altijd ingezet worden als mechanisme van in- en uitsluiting zou ik willen toevoegen dat juist die kritische reflectie op concepten is nodig! Opdat wij nooit vergeten…

 

Zie voor het volledige programma:

http://duitslandinstituut.nl/agenda/3083/international-conference-the-bystander-in-holocaust-history

Marieke Oprel
Marieke Oprel is als promovendus verbonden aan de Vrije Universiteit (VU) en het Duitsland Instituut (DIA) in Amsterdam. Ze is voorzitter van Jong KNHG.
Alle artikelen van Marieke Oprel
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.