Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#erfgoed
#recht
#kolonialisme
#archieven
#Tweede Wereldoorlog
#slavernij
#Gender
Gepubliceerd op 03-01-2018
Door Harm Kaal
Harm Kaal

De vlag uit voor 98 jaar algemeen kiesrecht?

Op 30 november vond in de zijzaal van Dudok in Den Haag een debat plaats over de viering van – en nu moet ik zorgvuldig formuleren – bijna een eeuw algemeen kiesrecht. Het debat maakte onderdeel uit van het programma van de conferentie ‘The State of the Art in the History of Politics’, georganiseerd door de Onderzoekschool Politieke Geschiedenis. Onder leiding van Ido de Haan gingen Ron de Jong, Mineke Bosch, Annelien de Dijn, Remieg Aerts, Mieke Aerts en Henk te Velde met elkaar in discussie over kwesties als ‘waarom vinden we het in Nederland toch zo moeilijk om het kiesrecht te vieren’ en ‘wanneer moet de viering van algemeen kiesrecht plaatsvinden?’ Op 29 november 1917 mocht de ‘Pacificatie’ dan formeel een feit zijn geworden, maar van algemeen kiesrecht was nog geen sprake. De politieke deal van 1917 betrof immers de invoering van het algemeen mannenkiesrecht (en de gelijke subsidiëring van bijzonder en openbaar onderwijs).

Voor een deel was dit natuurlijk een semantische discussie, maar deze discussie maakte wel duidelijk dat de invoering van het vrouwenkiesrecht in 1919 nog te vaak als een voetnoot wordt geplaatst bij het ‘centrale’ evenement dat twee jaar eerder plaatsvond. Zoals Mineke Bosch terecht opmerkte was het in 1917 voor de vrouwen die al tijden streden voor toelating van de vrouw tot de stembus allerminst vanzelfsprekend dat ook zij binnenkort hun stem mochten uitbrengen. Bij vrouwen als Aletta Jacobs overheerste de grote teleurstelling.

De politieke discussie waarin het debat over de viering inmiddels is ontaard, heeft wel tot gevolg dat we de historische context en de onbepaaldheid van het begrip algemeen kiesrecht uit het oog verliezen. Ja, Kamervoorzitter Arib heeft gelijk dat niet in 1917, maar pas in 1919 van algemeen kiesrecht gesproken kan worden. Maar: hoe algemeen was dit kiesrecht? Kan er ooit wel van algemeen kiesrecht gesproken worden? Waarom de kiesgerechtigde leeftijd niet verder verlagen? Waarom de toegang tot de stembus niet verruimen tot ingezetenen (en zo ook niet-Nederlanders toelaten)?

Belangrijker nog is het gegeven dat 1919 niet los gezien kan worden van 1917. Hoewel de uitbreiding van het electoraat door invoering van het algemeen mannenkiesrecht relatief klein was – iets minder dan 75% van de volwassen mannelijke bevolking mocht al stemmen – opende de afronding van dit element van de kiesrechtkwestie wel de deur naar invoering van het vrouwenkiesrecht. Voor de socialisten was bijvoorbeeld invoering van het vrouwenkiesrecht zolang het principe van algemeen kiesrecht niet was vastgelegd, uit den boze, uit vrees voor het ‘burgervrouwenkiesrecht’. En met de invoering van het passief vrouwenkiesrecht werd een eerste stap gezet richting opheffing van de politieke onmondigheid van vrouwen.

Gaven deze zaken al aanleiding tot een levendig debat, de discussie werd als snel breder getrokken – niet verbazingwekkend gezien de samenstelling van het panel – tot de huidige partijcrisis en het geringe enthousiasme voor politiek onder jongeren. Zoals het geschiedkundigen betaamt, werden deze problemen niet opgelost, maar hielden de verzamelde historici vanuit Dudok de overburen op het Binnenhof wel een kritische spiegel voor.

-Harm Kaal

 

Lees ook het verslag van de conferentie ‘The State of the Art in the History of Politics’ door Antia Wiersma.

Harm Kaal
Harm Kaal is sinds september 2009 als universitair docent politieke geschiedenis werkzaam aan de Radboud Universiteit. Hij is gespecialiseerd in de moderne politieke geschiedenis van West-Europa. Hij promoveerde in 2008 aan de Vrije Universiteit op een proefschrift over de geschiedenis van het Amsterdamse stadsbestuur in het interbellum. Vervolgens was hij enige tijd werkzaam aan de VU als universitair docent. In 2009 was hij als visiting fellow verbonden aan Wolfson College, University of Cambridge, in 2014 verbleef hij enige maanden als visiting fellow aan het Institute of Historical Research, School of Advanced Study, University of London. Samen met Ron de Jong (historicus, verbonden aan de Kiesraad) en Gerrit Voerman (directeur/hoogleraar Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen, RUG) werkt hij de komende jaren aan een boek over de geschiedenis van de Nederlandse verkiezingscampagnes dat in 2018 bij Amsterdam University Press zal verschijnen.
Alle artikelen van Harm Kaal
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Wordt lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.