Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#erfgoed
#archieven
#kolonialisme
#recht
#Tweede Wereldoorlog
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
Gepubliceerd op 29-01-2015
Door Wouter Daemen
Wouter Daemen

De zichzelf documenterende samenleving

Hoe een samenleving te documenteren die in steeds grotere mate zichzelf (digitaal) documenteert? Dat was een van de centrale vragen van het archiefatelier Documenteren van de samenleving dat vorige week in Leiden werd afgesloten. De archiefateliers, in het leven geroepen door het Platform voor Archiefonderwijs onderzoeken actuele vraagstukken die door het werkveld zelf zijn aangereikt en meerdere disciplines raken. Het atelier riep tal van vragen op over de rol en taak van de archivaris. Maar waar zijn de historici in deze discussie? Spelen ze ook een rol en dragen ze ook verantwoordelijkheid in het documenteren van de hedendaagse (digitale) samenleving voor hun toekomstige vakgenoten of is het simpelweg een vraagstuk van na hun historische tijd? 

Schunnige graffiti op een muur in Pompei, liefdesbrieven als bewijs van een crime passionel in een rechterlijk archief of de aan een kleinzoon toevertrouwde memoires van een veteraan van de Grote Oorlog: het zijn de vaak zeldzame confrontaties met de directe leef- en belevingswereld van individuen uit het verleden die het meest tot de verbeelding spreken. Maar het duiken naar dergelijke persoonlijke pareltjes in archieven is geenszins een sinecure. Ze zijn vaak een toevalstreffer of bijvangst tijdens archiefonderzoek. Het zijn persoonlijke cultuuruitingen die vaak ook (grotendeels) buiten bereik van (traditionele) archiefinstellingen vallen. Een focus die hoofdzakelijk ligt op de administratieve, institutionele gegevens over mensen, maar nauwelijks op de documenten van de personen die deel uitmaakten van de samenleving.

Mogelijkerwijs gaat deze schaarste voor onze toekomstige vakgenoten die onze hedendaagse samenleving zullen bestuderen tot het verleden behoren. Auteurs als Viktor Mayer-Schönberger voorzien als gevolg van de digital turn een verschuiving van informatieschaarste naar -overvloed. Niet onthouden maar vergeten of verloren gaan, lijken in de toekomst de uitzondering te worden. We Facebooken, twitteren en bloggen ons een slag in de rondte en acteren in los vaste verbanden in tal van online communities over alle mogelijke onderwerpen. Het feit dat u, mogelijk getipt via Twitter of Facebook de weg weet te vinden naar deze blog op een website die zich nadrukkelijk profileert als een community voor historici zegt voldoende.  

De zichzelf documenterende samenleving verschilt volgens de Canadese archivaris Laura Millar, die in het kader van het archiefaterlier een lezing verzorgde in Gouda, wezenlijk met de situatie in het verleden: “What is really different is, first, that so many members of society are documenting themselves, in such diverse ways and for so many reasons, and, second, that their documentary products are neither physical nor static.” Blogs, internetpagina’s en sociale media: allemaal digital born cultuuruitingen die we niet kunnen negeren als we cultuur of cultuurverandering serieus willen bestuderen, aldus professor José van Dijk in haar recente Ketelaar-lezing over digitalisering van het geesteswetenschappelijk onderzoek. 

Tegelijkertijd kenmerkt deze digitale samenleving zich door een ongekende vluchtigheid van de informatie. Een archivaris op een congres hoorde ik in deze context de term ‘streaming archives’ gebruiken: ‘ archieven’  van meer of minder alledaagse processen en gebeurtenissen in de samenleving worden op het moment dat ze gebeuren op alle mogelijke wijzen en in een evengrote verscheidenheid aan verschijningsvormen (digitaal) gevormd en direct toegankelijk om even zo snel weer op te gaan en te verdwijnen in de immense brei aan digitaal beschikbare data. Denk aan de zogenaamde Facebook-revolutie in Egypte of de livestream van Euromaidan protesten in de Oekraïne.  

‘Before deleting, think about the future’ 
Zaak dus om deze bronnen ook tijdig voor toekomstige vakgenoten veilig te stellen. Maar hoe in vredesnaam grip te krijgen op deze snel uitdijende en nagenoeg onvatbare digitale informatiemassa die nooit af is, waarbij context een fluïde begrip is, om over de authenticiteit en integriteit van de informatie nog maar te zwijgen. Een digitale wereld die zich bovendien voor het overgrote deel buiten de muren van de gevestigde archiefinstellingen bevindt en waarvan archivarissen het inmiddels wel eens zijn dat het ondoenlijk is om deze zelfs maar gedeeltelijk ‘binnen’ te halen.

Gekscherend oppert Millar om te beginnen iedere mail vanaf nu te ondertekenen met “before deleting, think of the future.” Maar zonder gekheid vreest zij terecht vooral het verlies van het persoonlijke, ondanks de ongekende omvang en variatie waarin we onze eigen levens documenteren. Voor het digitaal archiveren van overheden zal vroeg of laat een infrastructuur worden opgetuigd, maar voor de informatie van de personen in de samenleving is dat nog maar zeer de vraag.

Het creëeren van bewustzijn voor de zorg voor de eigen digitale nalatenschap is volgens Millar een belangrijke eerste stap en een van de vier taken van de hedendaagse archivaris. Aandacht geven en het belang tonen zet het proces van bewustwording – en hopelijk ook van archivering – in werking: “Only by making people aware of the great documentary wealth they hold – literally – in the palm of their hands, can we truly help today’s communities achieve accountability, foster their own identity, and preserve their collective memory.”

Bewustwording zal echter nooit slagen als het belang niet breder wordt gevoeld en gedragen. Historici zijn als geen ander in staat dit belang aan te tonen door de informatie te duiden. Zonder het werk van historci is de door het Nationaal Archief  in het leven geroepen Openbaarheidsdag niet meer of minder dan een knap bedachte PR stunt voor de archiefsector. Het zijn de historici die de openbaar geworden archieven kunnen waarderen, duiden en van de broodnodige context voorzien. Zonder duiding blijven de bewaarde gegevens zonder betekenis en dit geldt eens te meer in een digitale omgeving. Het zijn de antwoorden op de waarom vragen die inzicht geven in de wirwar van gegevens. “Wie cultuur bestudeert, weet dat inhoud interpretatie behoeft en dat boodschappen pas in hun samenhang betekenis krijgen. Die complexiteit van content begrijpen – dat is de bijdrage van geesteswetenschappers aan het onderzoek naar grote hoeveelheden digitale data”, aldus Van Dijk.  

Dus historici, ga vooral door met het prachtige werk om u vol hartelust op de de bronnen van voorgaande eeuwen te storten, maar besteed naast het geduldige papier – dat in de kundig beheerde archiefinstellingen op u zal blijven wachten – in het hier en nu ook aandacht aan de vluchtige digitale nalatenschap voor toekomstige generaties vakgenoten. Een betere geschiedenis van de toekomst, begint bij uzelf..

Twitter op je boekenplank
Door Wouter Daemen
Geschiedenis schrijven in de Oekraïne
Door Wouter Daemen
Jarig?
Door Rene Spork
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.