Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#recht
#erfgoed
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#archieven
#slavernij
#Gender
Door Marjonne Maan
06-07-2018

Het persoonlijke als brug naar het verleden

Tijdens het volgen van de eerstejaarscolleges over geschiedfilosofie in Leiden werd ik gegrepen door het streven naar objectieve waarheid: het hoogste goed in de wetenschap. Ik omarmde de positivistische benadering. Ik weet niet zeker of dit de bedoeling en de boodschap van de docent Peer Vries was, maar het betekende voor mij dat ik me niet zou specialiseren in de Tweede Wereldoorlog.

Foute familiegeschiedenis

Mijn familiegeschiedenis was daarvoor de aanleiding. Mijn overgrootvader, mijn opa en oudooms waren ‘fout’ in de oorlog. Ze waren lid van de NSB. Mijn opa was aan het oostfront en later werkzaam voor de Landwacht in Leiden. Zijn jongste broer was lijfwacht van Mussert. Ik heb mijn opa goed gekend en ook een paar van mijn oudooms. Dit zou mij kunnen beïnvloeden als ik onderzoek deed naar de oorlog. Misschien zouden mensen vragen naar mijn eigen achtergrond en dat zou pijnlijk zijn. Ik zou me moeten verantwoorden.

Ik verdiepte mij in migratiegeschiedenis, sociale geschiedenis en vrouwengeschiedenis. Ondertussen las ik veel boeken over de oorlog. In 1996 verscheen het boek Hitler’s willing excecutioners: ordinary Germans and the Holocaust, van Daniel Jonah Goldhagen (https://www.groene.nl/artikel/een-duivels-volk) . Over dit boek was veel te doen. Ik merkte dat het boek gevoelens bij mij opriep. Het ging niet over mijn familie, maar toch leek het soms wel zo. Het las als een grote aanklacht: richting de ‘gewone’ Duitsers die betrokken waren geweest bij de oorlog en de Holocaust. Waren mijn familieleden niet ook ‘gewone’ Nederlanders geweest? Wat wisten zij eigenlijk van de Holocaust af? Ik had geen idee.

Grijs Verleden

Groot was van mijn verbazing toen ik jaren later het boek Grijs Verleden las van Chris van der Heijden. (https://www.vn.nl/niet-zwart-niet-wit-maar-grijs-de-oorlog-van-chris-van-der-heijden/). Een historicus met een vergelijkbare familiegeschiedenis waagde het om stelling te nemen in het denken over goed en fout. Ik zag wat er vervolgens gebeurde: in de besprekingen van het boek ging het vaak over die achtergrond. Alhoewel ik bewondering voelde voor zijn lef, werd ik bevestigd in mijn standpunt. Hij had dit met zijn geschiedenis beter niet kunnen doen. Deze twee boeken maakten duidelijk hoe gevoelig de oorlog nog lag en hoeveel discussie en polemiek het losmaakte als je erover schreef.

Sinds mijn studietijd is er veel gebeurd. Ik schrijf tegenwoordig op mijn website over de oorlog. En dat niet alleen: ik schrijf over mijn eigen familie.

Het persoonlijke gebruiken

Na het afronden van mijn studie werd ik docent geschiedenis op een middelbare school. Ik merkte dat veel kinderen moeite hebben met het abstracte ‘historisch redeneren’. Een goed begrip van geschiedenis heeft een verhaal nodig dat aansluit op de belevingswereld van de puber. Ze zijn daarbij gevoelig voor een persoonlijke benadering. Het duurde een tijd voor ik in de gaten had dat objectief lesgeven een onmogelijkheid is. Eerlijker is het om inzicht te geven in je eigen subjectiviteit, zodat leerlingen dat ook in zichzelf kunnen herkennen en erkennen.

Ik ging op zoek naar voorbeelden en vond die in sommige collega’s, maar ook in boeken. Ik ontdekte schrijvers die dit deden: een groot verhaal vertellen aan de hand van een persoonlijke zoektocht.  Het boek van Frank Westerman El Negro en ik koos ik als verplicht leesvoer voor mijn vijfde klas bij het onderwerp kolonialisme en racisme. (https://www.trouw.nl/cultuur/oog-in-oog-met-een-opgezette-bosjesman~a9ed05b1/).

Hoe meer ik mij verdiepte in deze meer persoonlijke benadering hoe meer het bij mij ging kriebelen. Ergens op de achtergrond was steeds het verhaal van mijn familie, maar de vraag was of ik eraan toe was daar verder in te duiken én of ik in staat was het te gebruiken.

Verwerking

In 2003 was ik het archief ingegaan om de dossiers te bekijken van mijn opa en overgrootvader. Ik wilde weten op basis van welke feiten zij berecht waren. In een voorgesprek had de archiefmedewerker opgemerkt dat het kon helpen dat ik zelf historicus was, omdat ik daardoor de context beter begreep.

Heel lang vond ik dat makkelijk gezegd. Wat ik tegenkwam in de dossiers van mijn opa was confronterend. Je kunt de context weten, maar dat geeft geen antwoord op persoonlijke vragen. Ik had tijd nodig om dit te verwerken en in die tijd kon ik er professioneel gezien niets mee. Het duurde tot 2017 voor ik zover was.

Een brug naar het verleden

Ik ben begonnen met schrijven, in de vorm van blogs: korte, overzichtelijke stukken waarin ik stap voor stap de geschiedenis uit de doeken doe en al doende zelf kan ontdekken wat ik precies te vertellen heb. Al schrijvend bouw ik een brug naar het verleden. De ene keer door iets over mijn eigen gevoelens te vertellen, een andere keer door uit te leggen wat het fascisme eigenlijk als ideologie inhield.

Deze blogs zullen de basis worden voor een lessenserie over de opkomst van het fascisme, de NSB en de oorlog.

www.marjonnemaan.nl

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Wordt lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.