Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#erfgoed
#recht
#kolonialisme
#archieven
#Tweede Wereldoorlog
#slavernij
#Gender
Gepubliceerd op 18-02-2013

In memoriam: Ton Ribberink – ‘archivaris’

Enkele weken geleden overleed Ton Ribberink, algemeen rijksarchivaris (ARA) van 1968 tot aan zijn pensionering in 1988, dat wilde zeggen: directeur van de rijksarchiefdienst, hoofd van het Algemeen Rijksarchief in Den Haag (nu: Nationaal Archief) en adviseur van de verantwoordelijke minister of staatssecretaris voor archiefzaken. Archivarissen en historici hebben veel te danken aan de man met het vlinderdasje die uren door kon gaan met praten over archieven, terwijl zijn reisgenoten het zo langzamerhand wel hadden gehad en naar een borrel of een biertje verlangden.

In 1975 solliciteerde ik bij hem voor een betaalde stageplaats bij de Rijksarchiefdienst. De ARA resideerde in een oud neogotisch gebouw aan het Bleyenburg. In de grote kamer waar ik werd binnengelaten zaten naast elkaar Ton Ribberink en Erik Ketelaar die hem later zou opvolgen. Ik was net afgestudeerd als historicus en wilde het archiefwezen in. Of ik me wel realiseerde, zo vroeg met nadruk de heer Ribberink met een instemmend knikkende Ketelaar, dat de functie waar ik naar dong vooral ‘management’ inhield en niet zozeer tijd bood voor onderzoek? Dat kon misschien in de tijd die overbleef nadat alles was geregeld.

Wat ik toen precies gezegd heb, weet ik niet meer, wel dat ik werd aangenomen. Al snel merkte ik dat Ribberink groot gelijk had. Toen hij in 1968 de dienst moest overnemen, stond deze op instorten. Zijn voorganger was in een openlijk conflict geraakt met minister Klompé over de plannen voor een nieuw gebouw en had moeten aftreden. Bij de meeste diensten was het een puinhoop. De intriges op het ARA waren berucht. Medewerkers hobbyden naar hartenlust in de baas zijn tijd en mensen die aangesteld waren voor externe dienstverlening bestudeerden archieven zonder zich te bekommeren om jonge onderzoekers die om raad verlegen zaten.

Ribberink heeft de zaken voortvarend aangepakt. Er kwam een nieuw gebouw dat nog steeds in gebruik is. De goede verstandhouding die Ribberink had met Marga Klompé – evenals hij een progressieve katholiek – zal de nieuwbouw zeker hebben bevorderd. Menig rijksarchivaris moest vertrekken of werd met een ‘bijzondere opdracht’ naar huis gestuurd. Toen hij in 1988 wegging draaide de dienst veel beter dan twintig jaar daarvoor.

Ribberink legde zwaar de nadruk op de openbaarheid. Deze was volgens hem ‘de hoeksteen van het archiefwezen’. En daarin had hij groot gelijk. Weliswaar schreef de wet al sinds 1918 voor dat archieven, eenmaal overgebracht, in principe openbaar waren, de praktijk zag er heel anders uit! Er waren archivarissen die openlijk pleitten voor ‘selectieve openbaarheid’, dat wilde zeggen dat figuren waarvan de archivaris geen hoge dunk had of die naar zijn – het archiefwezen was toen nog een mannenzaak – smaak te links waren, de stukken niet te zien kregen. Door aan deze praktijken een einde te maken heeft Ribberink bijgedragen aan een hoognodige modernisering van het archiefbestel.

Ton Kappelhof, onafhankelijk historisch onderzoeker

In memoriam: prof. dr J.J. Woltjer
Door Redactie Historici.nl
KNHG in de etalage.| Afscheidsinterview Leonie de Goei
Door Redactie Historici.nl
In Memoriam Herman Beliën
Door Redactie Historici.nl
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Wordt lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.