Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#erfgoed
#scheepvaart
#onderwijs
#archieven
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#recht
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
#natuur en milieu
Gepubliceerd op 27-05-2015

Natuur en milieu op de historische agenda

11.700 vragen zijn er ingediend voor de Nationale Wetenschapsagenda. Wie een blik werpt op de ‘top kernwoorden’, ziet dat na gezondheid begrippen als energieduurzaamheidklimaatverandering en ecologie veelgenoemde trefwoorden zijn. Onze invloed op de natuurlijke omgeving wordt als één van de centrale problemen, onze toekomstige omgang ermee als een van de grootste uitdagingen van deze tijd gezien.

Verschillende wetenschappelijke disciplines, zoals de natuurwetenschappen, planologie, geografie, bestuurskunde en politicologie, houden zich al geruime tijd met deze en aanverwante thema’s bezig. Binnen de Geesteswetenschappen is de studie naar de wisselwerking tussen de mens en zijn natuurlijke omgeving vooral binnen subdiscplines als de milieugeschiedenis en –filosofie verricht. Pas de laatste jaren lijkt daar verandering in te komen en is een bredere interesse zichtbaar.

De milieugeschiedenis ontstond als geïnstitutionaliseerde discipline in het kielzog van de moderne milieubeweging vanaf het einde van de jaren zestig. Zij stelde zichzelf tot doel om het inzicht in de historische relatie tussen mens en natuur te vergroten, zodat de nadelige invloed van de mens op zijn leefomgeving beperkt, en de kans op toekomstige milieurampen verkleind zouden worden. Niet zelden kenmerkten hun werken zich door een focus op natuur- en milieubewegingen en de belangentegenstelling tussen deze maatschappelijke organisaties en overheid en bedrijfsleven. De eerste milieuhistorici waren zelf dan ook vaak nauw bij de milieubeweging betrokken; ze stelden zichzelf een duidelijk contemporain en politiek doel.

Overigens is het in dit verband niet juist om over de ‘eerste’ milieuhistorici te spreken. We gaan daarmee voorbij aan belangrijke voorlopers die in de twintigste eeuw en daarvoor de relatie tussen de mens en zijn fysieke omgeving tot object van historisch onderzoek maakten. Wel is het in de jaren zeventig dat historici zichzelf als de aparte groep van ‘milieuhistorici’ gaan beschouwen.

Zo verscheen al in 1864 de klassieker Man and nature van George Perkins Marsh, een van de eerste werken waarin de invloed van het menselijk handelen op de natuurlijke omgeving in kaart gebracht werd. Marsh behoorde zelf tot de conservationist movement, die zich aan het einde van de negentiende eeuw inzette voor de oprichting van nationale parken. In de twintigste eeuw combineerde de Franse Annales-school een geografische en historische benadering; het werk van Fernand Braudel over het Middellandse Zeegebied is daar een klassiek voorbeeld van. Veel van de werken die tot de vroege canon van de milieugeschiedenis (avant la lettre) beschouwd worden, werden overigens buiten de historische wetenschap, binnen de historische geografie, archeologie of andere disciplines, geschreven.

Binnen de recente historiografie wordt veelal onderscheid gemaakt tussen drie stromingen. De eerste richt zich voornamelijk op de historische ontwikkeling van de natuurlijke omgeving; deze tak wordt wel als de ‘materiële’ milieugeschiedenis omschreven. Hoewel de mens in deze analyse niet afwezig is, is zijn agency beperkt. Een tweede groep historici komt uit de hoek van de mentaliteits- en ideeëngeschiedenis en onderzoekt de ontwikkeling van natuur en milieubewustzijn als culturele concepten; zij leggen het constructivistische karakter van begrippen als ‘natuur’ en ‘wildernis’ bloot. Een derde groep houdt zich bezig met de politieke conflicten die resulteren uit het gebruik en de verdeling van grondstoffen en de omgang met natuurlijke hulpbronnen.

Sinds zijn ontstaan in de jaren zeventig is environmental history uitgegroeid tot een volwassen, zeer internationaal en multidisciplinair georiënteerd vakgebied, met een sterke aanwezigheid in de Verenigde Staten. In toenemende mate wint het veld ook in Europa aan beoefenaars, zoals de oprichting van de European Society for Environmental History in 1999 laat zien (in Amerika bestond zo’n organisatie al sinds 1975). Daar waar de discipline aanvankelijk nog gekenmerkt werd door een sterke thematische focus op het Westen, heeft ze de blik – meer dan sommige andere historische disciplines – uitgebreid naar de (post-)koloniale context en stelt ze uitwisseling van ideeën, kennis en praktijken tussen verschillende delen van de wereld centraal.

Daar waar milieuhistorici zich op hun multidisciplinaire aanpak laten voorstaan, lijkt binnen de algemene geschiedwetenschap de wisselwerking tussen menselijke actoren en hun fysieke omgeving nog steeds als apart onderzoeksthema in plaats van als onlosmakelijk onderdeel van elke historische analyse beschouwd te worden. Onder invloed van de wereldwijde zorgen om milieu en de gevolgen van klimaatverandering lijkt binnen de Geesteswetenschappen echter het inzicht door te dringen, dat centrale vragen van de milieugeschiedenis – welke invloed heeft de mens op zijn fysisch milieu? En hoe bepalen en structureren de natuurlijke omgeving en sociale constructies daarvan, (mede) het menselijke handelen? – een plek verdienen op een bredere geesteswetenschappelijke agenda. De opkomst van de Environmental Humanities, multidisciplinaire programma’s die aan verschillende universiteiten zijn ingericht, lijkt daar een uitdrukking van. In het kritisch denken over het milieuvraagstuk en kwesties die daar nauw mee verbonden zijn – sociale en economische ongelijkheid, internationale machtsverhoudingen en het functioneren van politieke stelsels – mag de geesteswetenschappelijke inbreng niet ontbreken. Ook voor historici die de ontwikkeling van politieke representatie en sociale en economische instituties onderzoeken, geldt dat hier een belangrijke taak is weggelegd.

Liesbeth van de Grift (Radboud Universiteit Nijmegen)

NB:

In 2015 komt het eerste nummer van het open-access Journal for the History of Environment and Society uit, de internationale opvolger van het Jaarboek voor Ecologische Geschiedenis. Klik hier voor meer informatie, ook over het indienen van artikelen.

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.