Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#erfgoed
#scheepvaart
#onderwijs
#archieven
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#recht
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
#natuur en milieu
Gepubliceerd op 12-11-2012

Nederland en de Europese integratie, 1950-1986

De 7,9 miljoen hits die de zoekterm “Eurocrisis” in Google oplevert, is zeker debet aan de keuze voor de online bronnendatabase “Nederland en de Europese integratie, 1950-1986” van het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis. Deze online bronnencollectie eindigt precies in de tijd toen de Europese leiders onder leiding van Jacques Delors de architectuur van een Economische en Monetaire Unie ontwierpen en van een Euromunt begonnen te dromen. De Huygens ING-publicatie is niet alleen “voer voor historici”: het ideaal van economische en monetaire eenheid gaat immers terug op de eerste integratie-idealen rond 1950.  
   
De online publicatie, verzorgd door Marc Dierikx, Mari Smits en Loes van Suijlekom, biedt vanzelfsprekend de fulltext-search opties die de gebruiker anno 2012 verwacht, ook al is die bij oudere documenten niet zo eenvoudig te realiseren. De gebruiker krijgt niet alleen toegang tot een gedigitaliseerde brontekst, maar ook tot een afbeelding van het originele document met de veelkleurige en vaak essentiële potloodkanttekeningen van bewindslieden.

Meer, meer!

Door de grote institutionele en geografische spreiding profiteert de gebruiker maximaal van de virtueel bijeen gebrachte documenten. Het Huygens ING bespaart de onderzoeker dus een eindeloze zoektocht in grote stapels al dan niet digitale vindboeken van meer dan een handvol ministeries: Handel, Nijverheid en Landbouw; Economische Zaken; Financiën; het Kabinet van de Minister-President en ook de interministeriële Raad voor Economische Aangelegenheden of de Sociaal-Economische Raad.

De samenstellers hebben zelfs de moeite genomen om schriftstukken van buitenlandse diplomatieke vertegenwoordigers en ministeries in Berlijn, Brussel of Rome met betrekking tot het integratieproces op te nemen. Zelfs een brief van “Europeaan” Coudenhove-Kalergi en de tekst van een rede van de Duitse minister van Landbouw vonden hun weg in de collectie – mits de samenstellers van hun thematische relevantie overtuigd waren.

Een toekomstvisioen dat opdoemt bij het “bladeren” in deze collectie met (momenteel) 5182 documenten, is een digitaal netwerk van Europese landen en hun archieven. Stel dat elk land de Europa-relevante documenten uit de eigen staatsarchieven met een vergelijkbare systematiek zou digitaliseren, dan zou de onderzoeker met enkele muisklikken van een brief uit november 1950 van Konrad Adenauer in de Nederlandse collectie naar de Parijse collectie kunnen surfen om context en voorgeschiedenis van het document te achterhalen.

Sterker nog: zonder een dergelijk netwerk wordt serieus onderzoek naar de recentere geschiedenis van de EU weldra onmogelijk. Met het aantal lidstaten van de EU, het aantal betrokken instanties per land en het aantal Europese beleidsterreinen is de hoeveelheid relevant bronnenmateriaal voor een onderzoeker sinds de jaren ’50 -en zeker sinds de jaren ’80- exponentieel gegroeid. Zelfs grotere onderzoeksteams zullen als een berg opzien tegen de vele reizen en de inwerkfase; kostbaar tijdverlies is onvermijdelijk als men eerst zijn weg moet vinden in een nieuw archief met een eigen logica en regels. Eerste initiatieven in deze richting verdienen daarom alle steun, ook al zal het ideaal van een “Europa zonder barrières” ook op archiefgebied nog lang een utopie blijven.

En nooit genoeg!

Deze online collectie is dus de voorloper, de trailblazer voor een Europese netwerk-collectie die de toenemende vervlechting van landen, instituties en beleid in de zestig jaar integratie zou moeten spiegelen. Ook op andere punten zal een Europa-historicus méér, nog meer willen:
De 5182 documenten vormen het topje van de ijsberg. Op dit moment is in de web-omgeving de informatie over de gebruikte selectie-criteria nog zeer karig: is bijvoorbeeld de brief van de Italiaanse Minister van Buitenlandse Zaken van 30 november 1950 echt de enige met betrekking tot Europa in het Haagse archief of alleen de belangrijkste (en zo ja, volgens welke maatstaf)? Welke archiefcollecties zijn systematisch en welke slechts incidenteel bij het project betrokken? Zulke informatie is cruciaal, niet alleen voor ervaren onderzoekers, maar juist ook voor nieuwe generaties studenten. Zeker zonder de alomtegenwoordigheid van archiefdozen in een echte leeszaal, kan bij hen al snel de misvatting postvatten dat de virtuele collectie afgebakend en compleet is.

Elke archiefcollectie is een afspiegeling van de periode waarin ze werd opgebouwd en draagt het stempel van de archiefvormende instantie. De digitalisering enkele decennia later verandert hieraan hoegenaamd niets. Ook deze online collectie is net zo veelzeggend als het om de inbedding van “Europa” in de Nederlandse maatschappij en het publieke debat gaat.  

Het referendum van 2005 heeft een kloof tussen de pro-Europese politici in Den Haag en de Eurosceptische stemming in de bevolking aan het licht gebracht. Vermoedelijk was “Europa” voor de burgers in de periode van deze bronnencollectie veel minder een issue. Toch moet iedereen die deze collectie – systematisch of selectief – gebruikt, zich ervan bewust zijn dat de kiezers, het publieke debat, de media, partijen en “het maatschappelijk middenveld” hier volledig buiten beeld blijven. Dit is geen weeffout van de collectie. Deels is het een weerspiegeling van de maatschappelijk-politieke realiteit van toen. En deels een weerspiegeling van de splendid isolation waarin beleidsmakers destijds aan hun en ons Europa bouwden.        

 Wim van Meurs (Radboud Universiteit Nijmegen)
 

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.