Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#erfgoed
#archieven
#recht
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#inclusiviteit
#gender
#slavernij
Gepubliceerd op 24-04-2019

Nederlandse Vergangenheitsbewältigung

Op 15 april vond in Leiden het symposium Koloniaal Residu plaats, georganiseerd door Leidschrift. Onderzoeker naar koloniale geschiedenis Karwan Fatah-Black, historicus en directeur van het KITLV Gert Oostindie, en curator bij het Rijksmuseum Valika Smeulders spraken over de invloed van het koloniale verleden op de huidige Nederlandse samenleving. Hoe heeft dit verleden impact gehad op “ons” land en “onze” identiteit. En wat is de rol van historici?

 

Op zaterdag 13 april – twee dagen voor het symposium in Leiden – reden 800 Molukse motorrijders in een colonne door Nederland. De kilometers lange stoet wilde aandacht vragen voor de wederopbouw van de Molukken en het ongelukkige lot van de Republiek Maluku Selatan (de kortstondige Molukse staat die in 1950 werd uitgeroepen) herdenken. De actie maakte een pijnlijk feit zichtbaar: hoewel Nederland al decennia lang geen koloniaal rijk meer heeft, is het proces van dekolonisatie nog niet afgerond. Onze maatschappij bevat nog veel machtsstructuren die voortkomen uit kolonialisme. Tijdens het symposium wordt bovendien duidelijk dat de geschiedschrijving nog veel koloniale aspecten in zich draagt. De sprekers benaderen de koloniale overblijfselen vooral vanuit een culturele invalshoek. Hoe heeft het veroveren, besturen en verliezen van een overzees rijk bepaald hoe we over onszelf hebben nagedacht en nog steeds nadenken?

 

 

Kolonialisme en de Nederlandse identiteit
Gert Oostindie noemt als belangrijk moment de repatriëring van Indische Nederlanders na de onafhankelijkheid van Indonesië in 1945. In de daaropvolgende twintig jaar kwamen ruim 300.000 mensen vanuit voormalig Nederlands-Indië naar Nederland. Het ging om mensen die veelal nog nooit in Nederland geweest waren. Bovendien weken velen qua etniciteit en cultuur af van wat tot dan toe als “Nederlands” beschouwd werd. Dit betekende een crisis voor de Nederlandse identiteit. Voor het eerst waren er grote groepen met de Nederlandse nationaliteit in ons land die niet voldeden aan het oude, etnische idee van Nederlanderschap. Dit veroorzaakte een scheuring in het Nederlandse denken. Burgerschapsnationalisme en etnisch nationalisme vielen in Nederland niet langer samen. Er moest dus een keuze gemaakt worden. Bepaalt iemands etniciteit of iemands paspoort de nationaliteit? Dit werd nog ingewikkelder door de grootschalige komst van arbeidsmigranten vanaf de jaren zestig, de komst van nog eens 300.000 mensen uit Suriname in de jaren zeventig en de discussies rond de multiculturele samenleving. Sommige onderzoekers constateren overigens tegenwoordig bij partijen als Forum voor Democratie weer een terugkeer naar het etnisch nationalisme. Kolonialisme is in ieder geval essentieel geweest in de totstandkoming van “onze” identiteit.

 

Dekolonisering van de geschiedschrijving
Oostindie steekt tevens de hand in eigen boezem en vraagt zich af in hoeverre historici bijdragen aan het in stand houden van koloniale normen. Historisch onderzoek is vaak enkel gebaseerd op de archieven van de koloniale machthebbers, neemt zodoende hun taalgebruik en criteria over en handhaaft zo de koloniale machtsstructuren. Er is dus ook een dekolonisatie van ons eigen vakgebied nodig. Volgens Oostindie is het cruciaal om te reflecteren op de bestaande historiografie; bronnen kritisch en against the grain te lezen; en bewust te zijn van de positionality van de onderzoeker. Dit lijken misschien voor de hand liggende eisen, waar historici juist voor opgeleid zijn. Maar in de praktijk gebeurt dit nog niet genoeg op het gebied van (post)koloniale geschiedschrijving. Over deze problematiek valt meer te lezen in het forum van het aankomende nummer van BMGN – Low Countries Historical Review (Volume 134 – Issue 2 – 2019).

 

Dekolonisering van de musea
Geschiedenis is natuurlijk meer dan alleen academisch onderzoek. Valika Smeulders van het Rijksmuseum sprak over een meer publieksgerichte kant van de geschiedenis: de museumsector. Ze opende door het onderstaande schilderij van Bartholomeus van der Helst te laten zien.

Het hangt in het Rijksmuseum tegenover de Nachtwacht. Ze vroeg de zaal te beschrijven wat we hier zien. Het duurde enkele minuten – nadat de schutters en hun wapens en kleren, de schepen op de achtergrond, de welvaart van de Republiek en de Gouden Eeuw besproken waren – voordat iemand het zwarte jongetje in het rood op de voorgrond opmerkte. Smeulders’ punt was duidelijk: wij zijn getraind in een bepaalde – uit koloniale machtsstructuren voortkomende – manier van kijken. Die gekleurde blik maakt dat curatoren extra hun best moeten doen om mensen ook de andere kant van het verhaal te doen zien. Tegenover de welvaart van de schutters staan de verhalen van de tot slaaf gemaakte mensen. Aan Smeulders de schone taak om die verhalen te vertellen. Ze pleit voor het vertellen van persoonlijke verhalen op basis van immateriële cultuur. Archieven zijn altijd aangelegd door de kolonisator. Zelfs als ze de onderdrukte mensen laten zien, doen ze dat door een koloniale filter. Archieven kunnen dus nooit echt inzicht geven in de levens van gewone mensen in het koloniale systeem. “Door enkel archieven te gebruiken, creëren historici stiltes”, aldus Smeulders.

 

Aan het einde van de avond vroegen enkele mensen in de zaal in hoeverre er wordt samengewerkt met Indonesische of Surinaamse historici op dit gebied. Oostindie gaf toe dat dit eigenlijk maar weinig gebeurt. Nederlandse historici zoeken de toenadering wel, maar onderzoekers daar zijn met hele andere onderwerpen bezig. Indonesië kent een ontzettend lange, rijke en diverse geschiedenis. Nederland is voor hen eigenlijk maar een klein hoofdstuk. Maar we doen dit onderzoek ook niet voor hen. Dekolonisering is iets wat we voor onszelf doen. Vergangenheitsbewältigung kan de misstanden niet herstellen, het gaat om kritisch over onszelf nadenken.

Melle van Dammen
Melle van Dammen heeft geschiedenis gestudeerd aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en Concordia University in Montreal. Hij is sinds 2019 werkzaam als stagiair bij het KNHG.
Alle artikelen van Melle van Dammen
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.