Historici.nl





#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#recht
#erfgoed
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#archieven
#slavernij

Unhinging the National Framework

De transnational turn is inmiddels een feit. Toch werken veel biografen nog binnen nationale kaders. Soms zijn er internationale ‘uitstapjes’, maar ware transnationale levens vragen om een radicaal andere aanpak. Op dit symposium werd besproken hoe biografen kunnen omgaan met individuen die hun leven leidden tussen en door verschillende landen.

Dr. Babs Boter (VU Amsterdam) organiseert sinds 2016 de expert group Unhinging the National Framework: Platform for Life-Writing and Transnationalism. Ongeveer dertig onderzoekers – waaronder ikzelf – komen daardoor regelmatig samen om kennis uit te wisselen. Sinds het vorige symposium is de expert group zelf ook aardig geïnternationaliseerd. Ruim tachtig bezoekers doorstonden het winterse weer om naar experts uit Nederland, België, Duitsland, Zuid-Afrika, en de Verenigde Staten te luisteren. Daarmee was het symposium een unieke mogelijkheid om experts uit binnen- en buitenland te zien.

De eerste spreker Ciraj Rassool (University of Western Cape, Zuid-Afrika) beargumenteerde dat in (auto)biografieën gretig gebruik wordt gemaakt van narratieve strategieën die ook in fictie terug te vinden zijn. Levensverhalen zijn – de naam zegt het al – ‘storied lives’, compleet met genres, plots, en narratieve bogen. Met zijn verhaal over de Zuid-Afrikaanse politicus Isaac Bangani Tabata kwam Rassool goed op gang, waarbij Tabata’s relatie met de Schotse Dora Taylor het persoonlijke met het politieke verbond in de toch al internationale geschiedenis van Zuid-Afrika.

Barbara Henkes (Universiteit Groningen) sprak over witte Nederlanders die naar Zuid-Afrika trokken, en zette individuele verhalen in imperialistische structuren. Haar verhaal over de overstap in Lubito (Angola) als rite de passage was indrukwekkend. Waar de een zich superieur achtte boven de zwarte havenarbeiders, zette het anderen juist aan het denken over het Zuid-Afrikaanse ‘rassenprobleem’.

Marijke Huisman (Universiteit Utrecht) vervolgde met een verhaal over Booker T. Washington, de beroemde Afro-Amerikaanse onderwijspionier, die in Nederland vooral bekend werd met zijn autobiografie Up From Slavery (1901). Huisman hield een origineel betoog dat ‘dingen’, zoals kleding, voedsel en boeken, óók een (transnationale) biografie kunnen hebben. Zo sloeg het werk van Washington zowel aan bij Nederlandse protestanten als bij onderwijskundigen in Suriname.

Daarna volgde een drietal pitches die zoals gebruikelijk op veel aandacht uit het publiek konden rekenen. Ikzelf (Lonneke Geerlings, VU Amsterdam) sprak over Rosey Pools tijd aan Alabama A&M College in Huntsville, Alabama, en over de aanwezigheid van NASA-medewerker Wernher von Braun in diezelfde stad. Daaruit bleek dat de segregeerde samenleving resulteerde in een gesegregeerd multidirectional memory. Rasa Navickaitė (Central European University, Boedapest) sprak over Marija Gimbutas, een Litouwse hoogleraar archeologie aan UCLA en dier visies op feministische spiritualiteit. De manier waarop zij herinnerd wordt, verschild drastisch aan beide zijden van het voormalige IJzeren Gordijn. Ten slotte sprak Eveline Buchheim (NIOD) over Marie-Thérèse Brandenburg van Oltsende en haar relatie met de Japanse Minoru Sakata tijdens WOII. In haar cases bracht Buchheim op een zeldzaam goede manier gender, race en class samen.

Het meest bijzondere van de symposia van Babs Boter is de originele en onconventionele opzet. Vorig jaar waren er al korte pitches en werd er een korte documentaire getoond. Ditmaal was er een paneldiscussie met een open stoel waar leden van het publiek konden gaan zitten (!). Helaas was het publiek er nog niet helemaal klaar voor, maar discussie was er zeker. Mineke Bosch (Universiteit Groningen), Elisabeth Bekers (Vrije Universiteit Brussel) en Gabriele Linke (Universität Rostock) bespraken de relevantie van persona, de grens tussen fictie en non-fictie, en de relatie tussen het persoonlijke en politieke. De discussie ontwikkelde zich in een interessante theoretische discussie over postkolonialisme.

Ook de laatste spreker kon op een volle zaal rekenen. Anthony Bogues (Brown University, VS) beargumenteerde dat de transnational turn helemaal niets nieuws was – en gaf direct bewijs hiervoor: de Pan-Afrikaanse congressen (vanaf 1900) laten zien dat de Afrikaanse diaspora inherent transnationaal is. Zijn voorbeeld van de Trinidadiaanse historicus C.L.R. James verbond op een interessante wijze Haïti, Afrikaanse onafhankelijkheidsstrijden en de Black Atlantic. Met name indrukwekkend was de reis van C.L.R. James van Mexico naar New York eind jaren dertig, waarbij hij rassensegregatie aan den lijve ondervond. Dit vormde een keerpunt in zijn politieke denken. “Marginale gebeurtenissen vormen soms doorslaggevende momenten in de geschiedenis”, zei Bogues. Helaas ging het verhaal niet voorbij ‘grote zwarte mannen’ (denk aan Padmore en Kenyatta). Er was maar weinig ruimte voor ‘marginale’ figuren in zijn verhaal, en ook niet voor vrouwen overigens. Wat dat betreft zette Bogues niet de lijn voort die andere sprekers hadden uitgezet. Met name Rassool en Bosch hadden juist een vlammend betoog gehouden om gender en het persoonlijke te erkennen in transnationale biografieën.

Tijdens de pauze en na afloop konden mensen genieten van vele mooie posters van de deelnemers van de expert group. Al met al een zeer geslaagde dag en een pluim voor organisator Babs Boter en alle vrijwilligers.

– Lonneke Geerlings

 

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Wordt lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.