Vernieuwde site. Lees meer...
Historici.nl





#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#oorlog en krijgsmacht
#wetenschap en techniek
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#recht
#erfgoed
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#slavernij
#archieven
Door Marieke Oprel
12-09-2017
Marieke Oprel

Verborgen Verleden – Mijn oma in het Oranjehotel. Deel II: Casa Cara

“4 Nov[ember] moesten we evacueren, 3 km van de kerk en op de avond van de achtsten Novem[ber] werden we gevangen genomen, m’n vader, broer van 17 en ik. Wij werden naar een school in Almkerk gebracht waar we 2 dagen gezeten hebben en vandaar werden we ’s morgens met 2 auto’s gehaald en naar ons later bleek naar ’t Oranjehotel gevoerd.”

Casa Cara
Mijn oma groeide op in een monumentale villa. Een soort Pippi Langkous huis. Dat weet ik, omdat er zolang ik mij kan herinneren bij mijn ouders in de woonkamer een zwartgrijze (zwart-wit kan ik het kleurcontrast echt niet noemen) foto hangt waarop dit huis staat afgebeeld. Casa Cara staat er op de gevel van het huis, “lief huis”. Op de voorgrond poseren twee kleine kinderen hand in hand: mijn oma en haar oudere broer. Vaak en uitvoerig vertelde mijn oma vol liefdevolle weemoed over Casa Cara. Met name de boomgaard werd altijd geroemd: geen enkele pruim was zo zoet als de pruimen die ze daar als klein meisje zo van de boom at. Maar dat Casa Cara ‘plaats delict’ was geweest tijdens de Tweede Wereldoorlog verzweeg ze. En dat uitgerekend in de tuin van haar geliefd ouderlijk huis belastend materiaal werd gevonden, hield ze stil.

“Hulp aan de vijand” was de reden voor mijn oma’s arrestatie in 1944, zo schreef ik al in deel I van Verborgen Verleden. Maar wat voor hulp had de familie Van Vark dan verleend? “Ze hadden ons gevangen genomen omdat ze in de tuin bij ’t graven een trommeltje met spionage papier gevonden hadden”, zo schrijft ze in haar brief aan Trouw. “Deze papieren waren van een illegaal werker die steeds met een geheime zender in actie was. Hij was bij ons gelogeerd, plotseling vertrokken met het verzoek de papieren te bewaren en daar we moesten evacueren leek t ons t beste t hele zaakje maar diep in de grond te stoppen. Omdat ze achter in de tuin geschut plaatsten hebben ze het gevonden.”

Historische herinneringen
De familie Van Vark had dus een onderduiker in huis gehad. Of onderduikers? Vaag staat me bij dat oma mij ooit vertelde dat ze heel voorzichtig moest zijn omdat er mensen op zolder verstopt zaten. Maar de eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ik soms niet meer weet wat ik daadwerkelijk van oma gehoord heb en wat ik in romans of tijdens mijn studie heb gelezen of in films gezien. Zoals onder meer Aleida Assmann in haar diverse werken over herinneringscultuur betoogd heeft, is de omgang met het verleden een voortdurend proces van aanpassing en uitwisseling. Herinneringen zijn niet statisch, maar aan verandering en vervorming onderhevig. Het moge dan ook duidelijk zijn dat als historicus ik mij bewust ben van het risico mijn herinneringen (en die van mijn ouders) hier met u te delen. Want wat er werkelijk gebeurd is, zal altijd in nevelen gehuld blijven.

Desalniettemin, laten we de mogelijkheden even langslopen. Mijn moeder denkt dat mijn verhaal zou kunnen kloppen: haar opa zat in de vlashandel en er kwamen regelmatig mensen uit België langs – de ultieme dekmantel om mensen korte tijd onderdak te verlenen en verder op weg te helpen. Daarnaast zat de oudste zoon des huizes, het kleine jongetje van de foto, zelf ondergedoken. Het is niet onwaarschijnlijk dat de familie anderen heeft willen helpen, zoals ook hun zoon geholpen werd. Mijn vader daarentegen herinnert zich dat oma wel eens vertelde over een Engelse piloot, die vlakbij Dussen neergestort was. Of deze persoon ook onderdak gezocht had bij Casa Cara, of enkel hulp gevraagd had voor het verstoppen van zijn parachute en overige spullen, daarop moet mijn vader het antwoord schuldig blijven. Was deze parachutist dezelfde persoon als de illegaal werker? In dat geval is er misschien wel helemaal geen sprake van meerdere onderduikers. Of heeft de familie meerdere mensen geholpen? We kunnen het niet meer navragen. Oma heeft haar oorlogsbelevenissen meegenomen in het graf, het enige wat ons rest is die ene handgeschreven bladzijde van haar brief aan Trouw die pas na 70 jaar uit haar handschoenendoosje tevoorschijn kwam.

Wat wel met zekerheid gesteld kan worden is dat er sprake was van verraad. Dat de ‘illegaal werker’ waarover gesproken wordt in de brief hals over kop op de vlucht moest, kwam namelijk doordat iemand uit het dorp de familie Van Vark aangegeven had. Het motief was niet geheel duidelijk, geruchten van omstanders uit het dorp suggereerden dat mijn overgrootvader’s welvarende handel in vlas tot jaloezie had geleid. Naam en toenaam zal ik hier niet noemen, maar frappant is dat deze persoon jaren later – in 1969 – in hetzelfde bejaardentehuis terecht kwam als mijn overgrootouders. Mijn moeder raakt nog altijd gefrustreerd als ze eraan terugdenkt.

Nette moffen
Na twee dagen in de school in Almkerk – “gelukkig mochten we in de school bij elkaar zijn, zodat we een mooi verhaal konden verzinnen” – werd mijn oma met haar vader en broertje naar het Oranjehotel gebracht. Ze schrijft: “De aankomst in Scheveningen was niet prettig, we moe[s]ten regelrecht apart gaan staan, ’t gezicht naar de muur en werden één voor één binnen geroepen. M’n vader kreeg een snauw maar ik werd netjes behandeld. Voorzover Moffen en NSB’ers netjes kunnen zijn.” Toch zouden zowel mijn oma als mijn overgrootopa, die zoals u kon zien in de uitsnede van het Gastenboek van het Oranjehotel moest “gaan werken voor de Duitschers”, na de oorlog nooit een vooroordeel hebben over Duitsers. Integendeel. Hoe dat zit leest u in deel III van Verborgen Verleden, de ontknoping.

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Wordt lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.