Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#erfgoed
#scheepvaart
#onderwijs
#archieven
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#recht
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
#natuur en milieu
Gepubliceerd op 29-08-2014

Verslag: Congres European Business History Association, Utrecht 21-23 augustus 2014

Voor de tweede keer sinds de oprichting van de vereniging werd de jaarlijkse conferentie van de European Business History Association (EBHA, 1996) in Nederland gehouden. Dit jaar stond het congres in het teken van vergelijkende bedrijfsgeschiedenis. In het academiegebouw van de Universiteit Utrecht deelden academici uit verschillende landen drie dagen lang hun nieuwste inzichten in het vakgebied. Daarbij was er ook ruimte voor reflectie.

Mooie plaatjesboeken voor de koffietafel

Bedrijfsgeschiedenis is het stadium van mooie plaatjesboeken voor de koffietafel al decennia voorbij. Alfred Chandler (1918-2007), geestelijk vader van het vakgebied, beargumenteerde in de jaren ’70 dat de ontwikkeling van moderne economieën was terug te voeren op een innovatie in de bedrijfsvoering aan het einde van de negentiende eeuw. Niet de markt (Adam Smiths ‘onzichtbare hand’), maar de ‘zichtbare hand’ van coördinerende managers in grootschalige industriële ondernemingen stond aan de basis van moderne economische groei. Daarmee werden bedrijven in de jaren ’70 een legitiem onderwerp van onderzoek voor economen, sociologen en historici.


Alfred Chandler

‘Why are we bothered?’

Sinds 1996 organiseert de EBHA congressen die goed bezocht zijn en telt de vereniging 250 leden met een multidisciplinaire achtergrond. Het vakgebied lijkt stevig verankerd in de internationale academische gemeenschap. Toch stond de openingsmiddag in het teken van reflectie. ‘Why are we bothered’, vroeg Geoffrey Jones, Harvard hoogleraar Business History, tijdens de ronde tafel discussie. Wijzend op een staatje impact factors van wetenschappelijke tijdschriften gaf hij zelf het antwoord: ‘Nobody is listening!’. Terwijl in de jaren ’70 bedrijfsgeschiedenis er nog toe deed, dreigt het vakgebied door het ontbreken van centrale vraagstukken de aandacht van academici uit andere disciplines te verliezen.

Meer dan Chandler-bashing

Te lang is bedrijfsgeschiedenis in zichzelf gekeerd geweest. Met gedetailleerd onderzoek naar specifieke bedrijven of theoretische bijdrages op het niveau van ‘Chandler was wrong’ werd het vermogen tot generalisatie de laatste jaren onvoldoende geprikkeld. Tijdens de ronde tafel discussie werd vastgesteld dat het aansluiten bij centrale vraagstukken, het expliciete gebruik van methodologie en theorievorming essentieel zijn voor een vruchtbare toekomst van het vak. Dat bedrijfsgeschiedenis meer is dan Chandler-bashing, bleek echter bijzonder duidelijk uit het rijke programma van het congres, dat na deze middag van zelfbespiegeling nog moest beginnen.

Oude en nieuwe vragen

De 45 sessies, met elk drie of meer papers, demonstreerden dat de kracht van bedrijfsgeschiedenis ligt in het toegankelijk maken van uniek primair bronnenmateriaal. De studie van Keetie Sluyterman en Bram Bouwens over 150 jaar Heineken, waarvoor zij ongelimiteerd toegang kregen tot de archieven van de bierbrouwer, was daar dit jaar het meest uitgesproken voorbeeld van. Daarnaast weet het vak traditionele vragen, zoals waarom zijn sommige bedrijven succesvoller dan andere?, moeiteloos te combineren met actuele en maatschappelijk relevante kwesties als: waar ligt de oorsprong van fair trade? Gaan duurzaamheid en grootkapitaal samen? Of: leren bedrijven van economische crises?

Capital in the 21st Century

Juist die gulzigheid naar historische kennis van maatschappelijk relevante kwesties maakt duidelijk dat het vakgebied de potentie heeft aansluiting te vinden bij maatschappelijke vraagstukken. Zo ook bij misschien wel het meest besproken ‘Big Issue’ van het afgelopen jaar: inequality. Terwijl in de jaren ’70 werd gekeken naar hun bijdrage aan economische groei, is nu misschien het moment aangebroken de invloed van bedrijven op de groeiende ongelijkheid tussen arm en rijk te onderzoeken. Hopelijk schijnen de bijdrages in 2015 hier enig licht op. Als het thema van die conferentie in Miami daartoe al niet genoeg aanleiding geeft (Inequalities: Winners and Losers in Business), dan toch haar key note speaker: Thomas Piketty.

Joep Schenk, Erasmusuniversiteit Rotterdam

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.