Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#erfgoed
#archieven
#kolonialisme
#recht
#Tweede Wereldoorlog
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
Gepubliceerd op 02-07-2014

Verslag: Symposium Early Modern Europeanism 1648 – 1815

Europa is een hot topic. Met de recente EU-verkiezingen en de opkomst van nationalistische, anti-Europese partijen in meerdere landen, is de manier van samenwerking tussen Europese landen erg actueel. Het symposium Early Modern Europeanism 1648 – 1815, georganiseerd door prof. Lotte Jensen (UvA) en dr. Matthijs Lok (UvA), ging over de vraag in hoeverre er sprake was van Europeanisme of een Europese gedachte in de vroegmoderne tijd. Jensen en Lok stellen dat het verenigen van Europa in de 20eeeuw wordt geplaatst maar vinden het tijd om ook eens te bekijken hoe er daarvoor gedacht werd over een verenigd Europa.

Definities van Europa

Als leidraad voor de middag dienden de ideeën van Jeremy Black, zoals beschreven in het door hem samengestelde European International Relations 1648-1815 (2002). Black stelt daarin dat ‘Europa’ in de vroegmoderne tijd op drie verschillende manieren werd gedefinieerd:

–     als tegenhanger van de Turken

–     in vergelijking met andere culturen

–     in de strijd met een Europese macht die hegemonie over het continent wil (hier wordt vooral Frankrijk onder Lodewijk XIV bedoeld)

Verder stelt Black dat de term ‘Europa’ in de 16e eeuw voor het eerst veel gebruikt werd. Daarvoor werd Europa aangeduid met ‘Christenheid’. Hiermee werd hier bedoeld de Middeleeuwse, kerkelijke definitie van Europa (het Engelse ‘Christendom’).

Op zoek naar Europa in vroegmoderne bronnen

De eerste drie sprekers, David Onnekink (UU), Lotte Jensen en Michael Wintle (UvA), zijn op zoek gegaan naar de termen ‘Christenheid’ en ‘Europa’ en verschillende representaties ervan in diverse bronnen uit de 17e en 18e eeuw.

Onnekink spitte een aanzienlijke hoeveelheid vroegmoderne diplomatieke correspondentie door. Jensen keek naar vredesverdragen en vredesvieringen en Wintle naar visuele representaties. Hun conclusies komen grotendeels overeen: de aanduiding ‘Christenheid’ kwam steeds minder en ‘Europa’ steeds vaker voor gedurende de onderzochte periode, wat impliceert dat Europa steeds seculierder werd. Daarnaast werd het zelfbeeld van Europa steeds positiever, aldus Wintle. De drie sprekers vonden allen in hun bronnenonderzoek aanwijzingen voor twee van de drie definities van Black, namelijk ‘Europa in strijd met de Turken’ en ‘Europa in strijd met Lodewijk XIV’, en dat vooral in de 17de eeuwse bronnen. In de 18e eeuwse bronnen kwamen deze definities van Europa minder vaak voor, maar het positieve zelfbeeld blijft. In alle bestudeerde bronnen – diplomatie, volkse vredesvieringen en visuele representaties – was sprake van een groeiend besef van ‘Europa’.

Europa in de tijd van Napoleon en daarna

De volgende twee sprekers, Bart Verheijen (RU) en Matthijs Lok, onderzochten de Napoleontische tijd en de reconstructie van Europa in de daarop volgende periode. Verheijen sprak over de vrede van Amiens – een lezing die meer leek te gaan over Nederlands nationalisme dan over een Europees bewustzijn.

Lok had zich in de teksten van 18de eeuwse filosofen verdiept waarin vaak ideeën over ‘Europa’ voorkwamen, zoals bijvoorbeeld in het werk van Kant. Plannen over de indeling van ‘Europa’ werden uitgebreid besproken op het Congres van Wenen. Lok stelde dat daar duidelijk sprake was van Europees denken:  ook al waren veel landen in de eerste plaats bezig met de eigen heropbouw, toch gingen bijna alle plannen over een gezamenlijke indeling van Europa.

Afsluiting

Het symposium werd afgesloten met enkele voorstellen voor verder onderzoek. Vooral integratie tussen Europese cultuur, diplomatie en linguïstiek in de vroegmoderne tijd verdient meer aandacht van onderzoekers.

De vroegmoderne tijd wordt vaak geassocieerd met de opkomst van (proto-)natiestaten en niet zozeer met een Europese gedachte. Het zoeken naar specifieke termen in bronnen heeft misschien iets geforceerds, maar uit de bronnen volgt dat Europa gedurende de vroegmdoerne periode steeds meer besproken werd en steeds positiever voorgesteld.

Daan Bastinck (Koninklijk Nederlands Historisch Genootschap)

Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.