Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#erfgoed
#onderwijs
#archieven
#kolonialisme
#Tweede Wereldoorlog
#recht
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
#natuur en milieu
Gepubliceerd op 03-02-2020

Design in het Derde Rijk

De tentoonstelling Design in het Derde Rijk in het Design Museum Den Bosch laat overtuigend zien dat het nationaalsocialistische gedachtegoed tot uiting kwam in logo’s, uniformen, rituelen, esthetiek, doelgroepencommunicatie, pseudowetenschap, planologie, techniek en meer. Aan voorbeelden van nazidesign ontbreekt het geenszins op deze expositie, maar de impact ervan en de doorwerking in vormgeving en techniek na 1945 blijven onderbelicht.

Ophef

Over deze tentoonstelling, die zich heeft ontpopt tot publiekstrekker en onlangs is verlengd, is veel te doen geweest. Nazi-parafernalia uitstallen doe je immers niet zomaar. Gesprekken vooraf met vertegenwoordigers van onder meer CIDI en NIOD, en samenwerking met de lokale joodse gemeente, leken niet in de laatste plaats bedoeld te zijn om het draagvlak te verkennen of enigszins te versterken. In een oorlogsmuseum zou deze thematiek vermoedelijk minder ophef hebben veroorzaakt, maar in een culturele instelling die zich doorgaans op een ander terrein begeeft ligt dit aanmerkelijk gevoeliger.

Deels is er een moreel motief voor deze tentoonstelling: ‘Als je volmondig “dit nooit weer” wilt kunnen zeggen, moet je de moeite nemen te analyseren hoe de processen van beïnvloeding destijds werkten’, zegt directeur Timo de Rijk in Trouw. Inderdaad worden de nietsontziende consequenties van het nationaalsocialisme expliciet benoemd, en de conservatoren distantiëren zich zodoende nadrukkelijk van de belichte ideologie. De centrale boodschap, en daarmee het design-historische motief achter deze tentoonstelling, is tweeledig: design was essentieel voor het aanvankelijke succes van het nationaalsocialisme, en de naziperiode was zeer invloedrijk in naoorlogse opvattingen over goed design, vooral in negatieve zin.

Design en het succes van de nazi’s

Het eerste aspect komt redelijk goed uit de verf. Er is overvloedig geselecteerd uit vooral Duitse museumdepots, waar veel nazi-erfgoed is opgeslagen dat doorgaans niet wordt getoond aan een hedendaags publiek. We zien onder meer affiches, vlaggen, tijdschriften, meubels, ansichtkaarten, onderscheidingen, uniformen en gebruiksvoorwerpen. Interessant zijn het gedeelte over de cultus rond Hitler en de uitgediepte geschiedenis van het beladen hakenkruis als symbool.

Duidelijk wordt dat design diende om de nazi-ideologie te laten doordringen tot nagenoeg alle terreinen van het maatschappelijk én persoonlijk leven. Deze vormgeving kon zowel uiterst innovatief zijn als voortbouwen op oudere, meer traditionele voorbeelden van eigen bodem of uit de klassieke oudheid. De zeggingskracht van diverse objecten en symbolen is erg groot. Maar tegelijkertijd ontstaat de indruk dat er wellicht zóveel wordt getoond dat er bijna letterlijk te weinig ruimte is voor verdieping en contextualisering.

De tentoonstelling begint met een film – in feite meer een diavoorstelling – waarin een eclectische verzameling objecten, soms aangevuld met bewegend beeld, wordt getoond voorzien van enkele regels duiding. We springen van de strak vormgegeven en in beeld gebrachte Olympische Spelen in Berlijn van 1936 naar een luciferdoosje met propagandatekst, en van een goedkope, in massa geproduceerde radio die enkel binnenlandse zenders kon ontvangen naar een handboek voor SS-officieren. Juist over zo’n handboek zou je niet alleen willen weten dat het er was, maar ook wat erin stond.

Designgeschiedenis

Na de oorlog werd in de beeldende kunst nadrukkelijk afstand genomen van het classisisme en het neorealisme waarmee de nazi’s hun vermeende superioriteit hadden vormgegeven. Door het gebrek aan duiding en context van de objecten komt deze negatieve impact van de naziperiode op de designgeschiedenis niet duidelijk over. Juist ten aanzien van het vraagstuk van (dis)continuïteit zou een designmuseum iets hebben toe te voegen aan oorlogsmusea – was het alleen al vanwege de alomvattendheid van het nazi-design überhaupt mogelijk dat deze vorm- en beeldtaal na de nederlaag in 1945 volledig en voorgoed verdween?

Eenmaal bekomen van de confrontatie met de veelheid aan soms krachtige beelden roept de tentoonstelling vooral vragen op, en niet in de laatste plaats deze: wat is eigenlijk design? In deze expositie lijkt dat werkelijk alles te kunnen zijn dat door mensen is gemaakt en bedacht, van hakenkruis tot Autobahn. Zo een ruime afbakening geeft bezoekers weinig houvast, en lacunes liggen dan als vanzelfsprekend op de loer. Zo ontbreekt in deze bonte verzameling bijvoorbeeld de Lebensborn – toch ook een belangrijk aspect van de nazi-ideologie.

En wat was nu precies de impact van het getoonde design op de ontwikkeling en daadkracht van de nazi’s? De thema’s waarin de tentoonstelling is onderverdeeld, zoals ‘Individu en massa’ of ‘Zuiverheid’, illustreren – met de nodige overlap – de ideologische uitgangspunten en hun praktische implementatie, maar de daadwerkelijke invloed ervan – op partijleden, andere Duitsers en slachtoffers – blijft onduidelijk. Die vraag is niet eenvoudig te beantwoorden, zeker als er zo op objecten wordt ingezoomd, maar zou wel getuigen van een kritischere benadering.

Via langere teksten – in Nederlands, Duits en Engels – en met behulp van audiotoelichting en de inleidende panelen bij de diverse onderdelen, wordt een deel van de vele getoonde objecten nader belicht. Een enkele keer wordt duidelijk gemaakt dat de nazi’s zich lieten inspireren door communistische voorbeelden. De vraag in hoeverre totalitaire vormgeving inwisselbaar was, of de vraag in hoeverre ook democratisch georiënteerde levensbeschouwingen in de jaren 1930 en 1940 een beroep deden op design, blijft buiten beschouwing. De conservatoren zijn erin geslaagd een rijkdom aan objecten te tonen, maar presenteren het bijeengebrachte nazidesign te zeer in een isolement.

Susan Hogervorst en Kees Ribbens



Alle artikelen van Susan Hogervorst & Kees Ribbens
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.