Historici.nl





#opstand
#cultuur en kunst
#politiek en bestuur
#maatschappij
#wetenschap en techniek
#oorlog en krijgsmacht
#economie en financiën
#kerk en religie
#overzeese gebieden
#scheepvaart
#onderwijs
#erfgoed
#archieven
#kolonialisme
#recht
#Tweede Wereldoorlog
#gender
#inclusiviteit
#slavernij
#natuur en milieu
Gepubliceerd op 16-04-2019

Dossier 100 jaar Vrouwenkiesrecht deel 3: Terugblik op 50 jaar Vrouwenkiesrecht

“Toen ik 2e jaars studente (Rotterdam) was, oefende de Nederlandse vrouw voor het eerst haar stemrecht uit. Het interesseerde mij geen steek! Ik studeerde en de wereld stond voor mij open. Uit dien hoofde heb ik mijn generatie wel eens die van de verwende meisjes genoemd. Hoe het verder is gegaan kunt U lezen in Van Moeder op Dochter (net uit, Bruna 3.90).”[i]

Zo schreef dr. W.H. (Lilian) Posthumus-van der Goot in 1969 in een brief aan ene mevrouw Van ’t Klooster-van Wingerden.

In 2019 vieren we dat het honderd jaar geleden is dat vrouwen in Nederland actief kiesrecht kregen. De viering van dit jubileum kwam niet zonder slag of stoot tot stand. Opvallend genoeg speelden vijftig jaar geleden min of meer dezelfde discussies ook toen eind jaren zestig Nederland het vijftigste jubileum vierde.

De omslag van het boek Van Moeder op Dochter (1968)

Van Moeder op Dochter

Van Moeder op Dochter. Het aandeel van de vrouw in een veranderende wereld is de oorspronkelijke titel van het standaardwerk over de vrouwenbeweging dat onder redactie stond van onder andere Posthumus-van der Goot en dr. Anna de Waal.[ii] De eerste zinnen van de inleiding verklaren de titel. “Er is moed en inzicht te putten uit de stijgende lijn van de vrijwording van de vrouwen, uit dat meerdere dat elke generatie van moeders kon overhandigen aan de dochters die het werk zouden voortzetten.[iii] De eerste editie van dit boek verscheen in 1948, niet toevallig in het jaar dat ‘moeder’ Wilhelmina abdiceerde en ‘dochter’ Juliana de troon besteeg. Bij de viering van vijftig jaar vrouwenkiesrecht verscheen een derde geheel herziene editie, een voor iedere portemonnee bereikbare Zwarte Beertjes pocket. Posthumus-van der Goot en De Waal, namen wederom de redactie op zich. De oorspronkelijke tekst werd stevig ingedikt en een nieuw katern, waarin de jaren 1948 tot en met 1968 beschreven werden, toegevoegd. Het project kende uitstel op uitstel onder andere vanwege ziekte van De Waal en de drukke agenda van Posthumus-van der Goot. Desalniettemin verscheen het boek eind 1968. Precies op tijd voor de viering van vijftig jaar vrouwenkiesrecht.

1967 of 1969

Halverwege de jaren zestig was er, evenals nu bij de viering van honderd jaar kiesrecht, discussie over het jaar waarin de festiviteiten ter viering van vijftig jaar vrouwenkiesrecht moesten plaatsvinden. Was de invoering van het passief vrouwenkiesrecht en het algemeen mannenkiesrecht in 1917 genoeg aanleiding? Of toch liever kiezen voor 1919, toen vrouwen ook het actief kiesrecht verkregen? In februari 1967 schreef De Waal aan Posthumus-van der Goot: “[…] 1917 was minder belangrijk dan 1919 hoewel Suze Groeneweg op grond van de grondwetsherziening van 1917 in de kamer gekomen. Voor de hele vrouwenemancipatie is het actief kiesrecht echter belangrijker.”[iv] Posthumus-van der Goot informeerde uitgever Bruna in maart 1967 dat het hun voorkeur had om de vernieuwde uitgave eind 1968 uit te brengen ter viering van het verkrijgen van het vrouwenkiesrecht in 1969 “[…] dat bij nader overleg is gebleken dat de geïnteresseerde bestuursleden van mening zijn dat de herdenking van het verkrijgen van het volledig vrouwenkiesrecht pas in 1969 dient te plaatsvinden [….] daar de grondwet van 1917 de vrouwen alleen het recht schonk om gekozen te worden hetgeen toen voor velen een bittere teleurstelling was.”[v] Argumenten die, en daarmee blijkt weer eens hoe kort het historisch geheugen is, vijftig jaar later min of meer opnieuw klonken om de keuze voor 2019 kracht bij te zetten.

Portret dr. W.H. Posthumus-van der Goot. Collectie IAV-Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis

Vrouwenkiesrecht

Wellicht heeft mevrouw Van ’t Klooster-van Wingerden aan wie Posthumus-van der Goot Van Moeder op Dochter aanraadde, het boek gekocht. Dan heeft ze kunnen lezen hoe het verkrijgen van het kiesrecht was beleefd door de eerste golf feministen, de generatie van Aletta Jacobs en de haren. De Waal en Posthumus-van der Goot schreven, in onze 21e-eeuwse ogen in enigszins gezwollen taal:

“Hiermede was aan de kiesrechtstrijd een einde gekomen, aan deze strijd die in Nederland de gemoederen der voorstandsters 25 jaar had vervuld, die zij hadden gevoerd met een moed en volharding, met een vuur en bezieling zoals vrouwen van de latere tijd nauwelijks kunnen voorstellen. Zij hadden voor haar zaak geleden, terwijl het toch een schone tijd was, alle hoon, spot en miskenning ten spijt. Zij ontdeden zich voorgoed van de lijdzaamheid die haar de negentiende en alle voorgaande eeuwen gekenmerkt had. Zij waren niet langer ‘een tam, liefhuisdier’ maar werden bewuste, moderne vrouwen die zich, zonder valse bescheidenheid, als persoonlijkheden in het openbaar konden doen gelden.”[vi]

Als Mevrouw van ’t Klooster-van Wingerden inderdaad het boek opgepakt en opengeslagen had, kon zij ook lezen hoe Posthumus-van der Goot en De Waal het verkrijgen van het kiesrecht anno 1969 beoordeelden: “Er is van deze strijd een niet te onderschatten kracht uitgegaan waarvan de dochters van nu, ofschoon zij zich van het oude feminisme gedistantieerd hebben, nog steeds de vruchten plukken.[vii] Iets wat in 2019 niets aan actualiteit heeft ingeboet.

[i] Archief Willemijn Hendrika Posthumus-van der Goot, inv.nr 221 , collectie Internationaal Archief voor de Vrouwenbeweging (IAV) in Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis. Verder Archief PvdG.

[ii] Eerste bewindsvrouw in een kabinet. Namelijk staatssecretaris van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen (belast met voortgezet hoger en middelbaar onderwijs en nijverheidsonderwijs), van 2 februari 1953 tot 16 maart 1957.

[iii] [iii] Dr. W.H. Posthumus-van der Goot en dr. Anna de Waal (red.), Van Moeder op Dochter, 3e herziene druk 1968, A.W. Bruna Utrecht/Antwerpen, 7

[iv] Archief PvdG, inv.nr 231

[v] Archief PvdG, inv.nr.221

[vi] Van Moeder op Dochter, 1968, 159

[vii] Van Moeder op Dochter, 1968, 160

 

Lees hier de andere artikelen in het dossier over honderd jaar Vrouwenkiesrecht.

Antia Wiersma
Antia Wiersma is naast directeur van KNHG, ook biograaf van dr. W.H. Posthumus-van der Goot. Momenteel doet zij onderzoek naar het leven en werk van deze feministe, wetenschapper en oprichtster van het IAV.
Alle artikelen van Antia Wiersma
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.