Historici.nl





Gepubliceerd op 29-10-2021

Dossier Gender en Arbeid – Arbeid bij een lege wieg

Het dossier Gender en Arbeid verdiept zich in genderverhoudingen op de zeventiende-eeuwse werkvloer. Dit dossier bestaat uit bijdragen van sprekers die tijdens de Nacht van de Geschiedenis op 30 oktober 2021 in het Rijksmuseum lezingen zullen geven bij diverse objecten op zaal. In dit dossier wordt een exclusief voorproefje gegeven van hun verhalen. Mocht u naar aanleiding van deze bijdragen vragen hebben voor de auteurs, bezoek dan vooral de Nacht van de Geschiedenis en ga met hen in gesprek.

Schommelwieg, anoniem, ca. 1700

Bij de rijkversierde wieg die hier is afgebeeld zal ik morgenavond in het Rijksmuseum vertellen over werk dat moeders uitvoerden in de VOC-samenleving. Ik ga het hebben over vrouwen zoals mijn eigen voormoeders: Aziatische vrouwen die (of ze wilden of niet) kinderen kregen met Europese mannen die voor de VOC werkten. Moeders leerden hun Europees-Aziatische dochters de huishoudelijke taken die een ‘welopgevoed vrouwsperzoon’ uit moest kunnen voeren. In de toekomst hoorden deze dochters immers te trouwen en zelf kinderen te krijgen – bij voorkeur met Europese mannen die een goede positie in de samenleving bekleedden. Maar, vroeg ik me af toen ik naar die lege wieg keek, hoe was het voor getrouwde vrouwen die wel kinderen wilden, maar ze niet konden krijgen? 

Dat zij ook zwaar werk deden, daar twijfel ik niet aan. Helaas weet ik uit ervaring hoe mentaal en fysiek slopend, en hoe weinig zichtbaar deze reproductieve arbeid is, al was het maar omdat resultaat uitblijft. Maar terwijl dit een grote rol speelt in mijn leven, is het niet een onderwerp dat ik gewend ben tegen te komen in geschiedenisboeken. Natuurlijk las ik over dynastieën die niet voortbestonden omdat de laatste drager van de naam geen kinderen kreeg. Er is veel geschreven over vrouwen die stierven in het kraambed of kinderen kregen die op vroege leeftijd overleden. Het is echter moeilijker om erachter te komen wat ongewenste kinderloosheid vroeger voor vrouwen betekende. 

Daarom was ik extra getroffen toen ik brieven las van Anna Wendelina Fockens, die in de achttiende eeuw met haar broer vanuit Groningen naar Java reisde, om in Batavia een geschikte echtgenoot te vinden. Haar andere broer was al daar in dienst van de VOC. Dankzij haar goede afkomst en de hoge positie van die broer kon ze snel een huwelijk sluiten met Pieter Ras, een man die ze nauwelijks kende maar wel een veelbelovende carrière had. Aan haar moeder en grootmoeder in Groningen schreef ze openhartige brieven, die zijn overgeleverd omdat haar familie welgesteld genoeg was om ze in het familiearchief te bewaren. Ik kon haar brieven lezen dankzij de uitgave ervan door G.J. Schutte. 

Met 21 slaafgemaakte mensen in ‘bezit’ hoefde Anna veel huishoudelijke werkzaamheden niet zelf te doen, maar het krijgen van wettige nakomelingen was wel haar taak. Al vroeg in haar huwelijk kreeg ze echter een miskraam, die werd gevolgd door een zwakke gezondheid die haar ‘de hoop om oit een kint te krijgen’ benam. Een vrouwelijke kennis raadde haar aan om niet op de ‘Hollanse medecijnen’ te vertrouwen. Dus raadpleegde ze een ‘swarte docteres’ die haar conditie goed leek te begrijpen en een behandeling voorschreef waardoor ze zich snel beter voelde. Ze hoopte helemaal genezen te zijn, maar haar gezondheid bleef fragiel.

Dat een zwangerschap werk was, was Anna Ras-Fockens wel duidelijk: over haar schoonzus schreef ze op een bepaald moment dat ze vermoedde dat er ‘jonge vrouwewerk bij haar gaande is’ – doelend op een zwangerschap. Ze verzuchtte hierbij dat ze zelf nog steeds ‘geen hoop’ had om een ‘jonk Rassie voor den dag te brengen’ maar wel hoopte binnenkort een ‘neeffie of niggie Fockens’ te krijgen. In een latere brief deelde ze dat ze weliswaar nog niet zelf op kinderen durfde te hopen, maar dat het haar beter leek ‘geen kinderen te krijgen’ dan ze wel te krijgen en ‘soo ongelukkig’ te zijn deze te verliezen, zoals haar broer en schoonzus eerder was overkomen. 

Kort hierna overleed Anna, vierentwintig jaar, waarvan vier jaar getrouwd. Haar man schreef zijn schoonouders over haar overlijden, waarbij hij vertelde hoeveel zij eraan had gedaan om van haar ‘kwaal’ te genezen in de wens hem nog te kunnen ‘verheugen met een nakomeling’. Hij vertelde dat ze hiervoor ‘alles’ had proberen te ‘ondernemen’ wat mogelijk was. De arbeid die Anna had verricht om moeder te worden was door haar man zeker niet ongezien. Uit de manier waarop Anna over haar kinderwens schreef, klinkt bovendien door hoe vanzelfsprekend het voor haar was om het met haar moeder en grootmoeder erover te hebben. Ook zij zagen hoeveel moeite het Anna kostte. Het benadrukt hoeveel van het dagelijks leven in het verleden we niet meekrijgen, omdat gesprekken niet bewaard zijn gebleven en veel persoonlijke bronnen verloren zijn gegaan. 

Toch valt met de beperkte bronnen die we hebben, als we de juiste vragen stellen, wel steeds meer te zeggen over de arbeid die vrouwen in het verleden verrichtten, zowel binnen als buiten het huishouden. Morgen vertel ik tijdens de Nacht van de Geschiedenis over moeders en het werk dat zij deden om hun kinderen groot te brengen. Maar als ik bij die lege wieg sta, dan denk ik ook aan Anna en aan al die vrouwen die arbeid verrichtten die door slechts weinig mensen werd gezien, omdat hun wieg leeg bleef.

Suze Zijlstra is historicus en auteur van De voormoeders. Een verborgen Nederlands-Indische familiegeschiedenis(Amsterdam: Ambo|Anthos, 2021).

De citaten uit de brieven komen uit G.J. Schutte (red.), Seer teder beminde heer vader en vrouw moeder! Brieven van de Groninger familie Fockens in de Oost, 1748-1783 (Hilversum: Uitgeverij Verloren, 2014) 230, 246, 295, 300.
Historici.nl
Het KNHG is de grootste organisatie van professionele historici in Nederland. Het biedt een platform aan de ruim 1100 leden en aan de historische gemeenschap als geheel. Word lid van het KNHG.
Historici.nl
Terug naar de bron: de geschiedenis ontrafeld met nieuwe technologie. Dat is de missie van het Huygens ING, een onderzoeksinstituut op het gebied van geschiedenis en cultuur.